Boreale zone
De boreale zone is een cirkel van voornamelijk naaldbossen, die zich uitstrekt over de noordelijke delen van Europa, Azië en Amerika. Er zijn verschillende namen voor dit gebied: Amerikanen en Canadezen noemen het Great Northern Forest of boreal forest (afgeleid van borealis, Latijn voor noordelijk), maar bekender is misschien de Russische aanduiding taiga. Het is de grootste vegetatiezone op aarde, zelfs groter dan het Amazoneregenwoud. Dertig procent van alle bomen op aarde staat in de boreale zone.  Deze bomen zijn essentieel voor het behoud van de ecologische balans op aarde. Ze zetten op grote schaal CO2 om in zuurstof. Toch is minder dan twaalf procent van deze bossen beschermd gebied en worden ze bedreigd van allerlei kanten: commerciële houtkap, kwetsbaarheid van nieuwe aanplant en woekerende bosbranden, zoals afgelopen zomers in Siberië.

Acht reizen
In vier jaar tijd maken Jeroen Toirkens en Jelle Brandt Corstius samen acht reizen naar deze boreale bossen. Dat levert bijzondere verhalen op. In Rusland zijn ze getuige van de schade die de steeds heviger wordende bosbranden in Siberië veroorzaken. Maar ze ontmoeten er ook Gennady Tugushin, een houthakker die inmiddels gepensioneerd is, maar als bewaker bij een bosbouwbedrijf zijn magere pensioen aanvult. In het dorpje Berdisjicha woont hij op loopafstand van de bossen, maar toch heeft hij er nooit genoeg van - zo zien we aan het bosbehang in zijn slaapkamer. Van mariniers uit verschillende Europese landen die een intensieve training volgen in Noorwegen, leren Toirkens en Brandt Corstius hoe ze het bos ten volle kunnen benutten: bomen kunnen beschutting bieden, met sparrentakken worden overkappingen gemaakt en sprokkelhout wordt vuur om eten te kunnen bereiden, om water te zuiveren en om het lichaam warm te houden. Op het eiland Hokkaido in Japan maken ze kennis met wetenschappers die onderzoek doen om de bossen voor de toekomst te kunnen behouden. Het spannendste avontuur beleven Toirkens en Brandt Corstius in Canada. Met de Cree, een inheemse bevolkingsgroep in Canada, reizen ze op sneeuwscooters 160 kilometer door het oerbos bij een temperatuur van 40-45 graden onder nul. Het is zo koud dat filmrollen verwisselen nauwelijks nog lukt en Toirkens bevriezingsverschijnselen aan zijn gezicht krijgt. Brandt Corstius raakt het gevoel in zijn vingers kwijt en heeft tot op heden een verdoofde pink. In een huisje aan het Vogel Lake in Alaska, zo ver weg van de bewoonde wereld dat ze er alleen met een watervliegtuigje kunnen komen, blikken de twee samen terug op al deze avonturen. Deze laatste reis vormt voor hen een persoonlijk sluitstuk van het project.

Trees for Life
Bij veel van de mensen die Toirkens en Brandt Corstius op hun reizen ontmoeten ervaren ze een intense liefde voor het bos. Dit geldt zeker voor de mensen achter de stichting Trees for Life. In Schotland zetten zij zich in om het Caledonian Forest weer tot leven te brengen. De laatste granny pines staan hier nu vaak eenzaam op kale rotsen, maar ooit stonden de voor Schotland zo kenmerkende rotsachtige landschappen vol met deze bomen. Samen met hun donateurs hebben Toirkens en Brandt Corstius via Trees for Life 360 bomen laten planten in deze regio, ter compensatie van de vliegreizen die ze voor Borealis hebben gemaakt.

Portret van een boom
Tijdens hun reizen fotografeert Toirkens zowel in zwart-wit als in kleur, maar altijd analoog. Hij brengt intuïtief onderscheid aan tussen de documentaire foto’s in zwart-wit en zijn meer associatieve werk in kleur. Iedere dag zoekt hij bovendien naar ‘de boom van de dag’. Niet om deze te fotograferen, maar te portretteren als een karakter op zich. Het zijn deze portetten die de bezoeker bij binnenkomst van de tentoonstelling omringen alsof men zelf een weg door het bos aflegt, alvorens de ruimte te betreden waar de reisverhalen zich aan de bezoeker ontvouwen.
 


Samenwerking tussen Toirkens en Brandt Corstius
Jeroen Toirkens studeerde in 1995 af aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten (KABK) in Den Haag als fotograaf. Hij richt zich sindsdien op sociaal-documentaire fotografie en slow-journalistiek en publiceert in nationale en internationale kranten en magazines. Jelle Brandt Corstius studeerde geschiedenis en journalistiek aan de Rijksuniversiteit Groningen en woonde van 2005 tot 2010 in Moskou. Hij is journalist, televisiemaker en Ruslandkenner en volgt daarnaast sinds kort de PABO opleiding tot leraar in het basisonderwijs.

Voor het project Nomadslife werken Toirkens en Brandt Corstius voor het eerst samen: ze gaan op zoek naar de laatst levende nomaden op het noordelijk halfrond. Het boek Nomad dat in 2011 als resultaat van hun reizen verschijnt wint onder meer de prestigieuze Canon prijs. De samenwerking van Toirkens en Brandt Corstius kenmerkt zich door een zoektocht naar verdieping binnen een gekozen onderwerp. Het zijn intensieve langdurige projecten waarbij zij het onderwerp vanuit zoveel mogelijk kanten belichten. Met een open blik zoeken zij de menselijke kant achter de verhalen die ze maken.

App 
Wilt u meer weten? Download de Fotomuseum app en luister naar de persoonlijke verhalen van Jelle Brandt Corstius en Jeroen Toirkens, bekijk de film bij Borealis en ga met hen mee op virtuele tour door de tentoonstelling. U kunt de app vinden in de Apple App Store of via Google Play.
 

Publicatie
Bij de tentoonstelling verschijnt de omvangrijke publicatie Borealis - Trees and People of the Northern Forest van Jelle Brandt Corstius en Jeroen Toirkens (Uitgeverij Lannoo, ISBN 9789401452373). Bestel het boek hier
 

Het Borealis-project wordt financieel ondersteund door onder meer ASN Bank, Staatsbosbeheer en het Anchorage Museum in Alaska.